Activiteiten voor de kleintjes

Iedere groep heeft zijn eigen dagprogramma, waarbij er uiteraard algemene regels en grenzen zijn vastgesteld.Op deze manier hebben de kinderen een goed houvast, weten ze waar ze aan toe zijn en is er een grote mate van voorspelbaarheid. Dit geeft de kinderen een veilig gevoel, en biedt ze de ruimte en de mogelijkheden om zich te ontwikkelen.

In het dagprogramma krijgen de volgende ontwikkelingsgebieden de aandacht:

De sociaal-emotionele ontwikkeling

  • gedrag en gevoelens
  • fantasie
  • creativiteit en expressie

De lichamelijke ontwikkeling

  • grove motorische ontwikkeling
  • fijne motorische ontwikkeling
  • zintuiglijke ontwikkeling

De verstandelijke ontwikkeling

  • taalontwikkeling
  • denkontwikkeling
  •  

Buiten deze accentgebieden stimuleren alle activiteiten de algehele ontwikkeling (bijvoorbeeld bij het voorlezen wordt niet alleen de taalontwikkeling gestimuleerd maar ook de sociaal-emotionele en de denkontwikkeling). Dit alles gaat spelenderwijs, binnen een sfeer waarin het kind zich prettig voelt.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen vrije en geleide activiteiten. Zo is er ruimte voor vrij spel, waarin het kind zelf kan kiezen of bij bijvoorbeeld wil gaan bouwen of in de poppenhoek wil spelen, en daar zijn spel zelf inhoud kan geven (zelf zijn spel bepaalt). Daarnaast worden er (groeps)activiteiten aangeboden waarin de leidster de leiding neemt en de activiteit stuurt, en de kinderen daarin begeleidt (bijvoorbeeld een plakactiviteit of een kringgesprek).

Verder maken we binnen De Kangoeroe onderscheid tussen groepsactiviteiten en individuele activiteiten. Niet alle activiteiten worden met de groep uitgevoerd, er is ook ruimte voor individuele activiteiten. Zo kan een leidster in plaats van met de hele groep een boek (voor) te lezen, dit ook even met één of twee kinderen doen. En natuurlijk heeft de leidster extra aandacht voor een kind dat het om een bepaalde reden even nodig heeft om wat extra aandacht te krijgen. Dat kind mag dan bijvoorbeeld meehelpen bij het fruit halen of het eten geven van een jonger broertje of zusje, of krijgt anderszins de aandacht die hij of zij op dat moment nodig heeft en prettig vindt.